Voorjaarsproject 2003

Late Madrigalisten

Werken van Gesualdo, de Wert, en Schütz  

 concertdata

vrijdag 9 mei 2003
NH kerk, Adorp

zaterdag 10 mei 2003
Nieuw kerk, Groningen

Halverwege de 16e eeuw begon het Europese muziekleven zich te ontworstelen aan de hegemonie van de "Nederlanders", de componisten uit de Lage Landen. Hun polyfone muziek was nog steeds populair, maar ontwikkelde zich overal tot een meer lokaal gekleurde stijl.

In Italië werd gezocht naar een combinatie van polyfonie en een expressieve vertolking van poëtische teksten. In dit programma volgen we deze zoektocht aan de hand van zowel wereldlijke als geestelijke muziek van drie componisten, die kort vóór en kort na 1600 in Italië actief waren.

Giaches de Wert: afkomstig uit de Nederlanden, maar vrijwel zijn hele (volwassen) leven in Italië werkzaam. Een hectisch zangers- en componistenbestaan weerhield hem er niet van een even stormachtig als ook tragisch liefdesleven te leiden. Van hem "traditioneel" werk (Missa Dominicalis), maar ook een zeer expressief motet (Vox in Rama) en twee madrigalen uit 1594.

Heinrich Schütz. De latere aartsvader van de Lutherse muziek verbleef in zijn jonge jaren enige tijd in Venetië en presenteerde daar als resultaat van zijn lessen bij Giovanni Gabrieli een madrigaalboek. In deze madrigalen voert Schütz tonale experimenten uit die in zijn latere muziek slechts sporadisch terugkeren. Ook de Latijnse "Cantiones Sacrae" getuigen van een jonge, ondernemende geest.

Carlo Gesualdo, prins van Venosa is zowel wat betreft zijn biografie als zijn oeuvre een unieke figuur in de muziekgeschiedenis. Zijn muziek overschrijdt alle denkbare grenzen en doet zelfs voor onze 21e-eeuwse oren uiterst modern aan. Ook hij toonde zijn experimenteerzin zowel in als buiten de kerk.

 

 

 

 

 

links.gif (2193 bytes)

Heinrich Schütz

 

Gesualdo